De wet van 6 april 2026 tot invoering van een belastingregeling voor meerwaarden op financiële activa[1] is niet alleen van toepassing op Belgische ingezetenen-natuurlijke personen, maar ook op Belgische vzw’s en stichtingen.
Er is evenwel één uitzondering: vzw’s en stichtingen die fiscale attesten uitreiken waardoor personen die een gift doen een belastingvermindering krijgen, zijn vrijgesteld.
Hoe gebeurt de belastingheffing?
In tegenstelling tot natuurlijke personen, voor wie de belasting op meerwaarden op financiële activa in principe en behoudens uitzonderingen[2] wordt geïnd via een voorheffing van 10%, bepaalt de wet van 6 april 2026 dat wanneer meerwaarden op financiële activa die worden aangehouden op naam van een Belgische vzw of stichting worden gerealiseerd via tussenkomst van een Belgische financiële tussenpersoon, deze laatste de roerende voorheffing niet mag inhouden. Die voorheffing moet door de vzw’s en stichtingen als begunstigden van deze meerwaarden aan de Staat worden doorgestort. De vzw’s en stichtingen moeten dan zelf een aangifte in de roerende voorheffing indienen[3].
De indiening van de aangifte in de roerende voorheffing moet uiterlijk 15 dagen na de toekenning of betaalbaarstelling van de aan die voorheffing onderworpen inkomsten gebeuren. Maar de fiscale wetgeving bepaalt dat de meerwaarden waarvoor de voorheffing door de vzw’s verschuldigd is, worden geacht toegekend of betaalbaar te zijn gesteld op de laatste dag van het belastbare tijdperk van hun realisatie. Dit betekent dat vzw’s en stichtingen hun aangifte in de roerende voorheffing uiterlijk op 15 januari moeten indienen — voor het eerst op 15 januari 2027.
Om praktische problemen bij de verplichte formaliteiten van zowel vzw’s en stichtingen als financiële instellingen te voorkomen[4], voorziet een wetsontwerp tot “het aanbrengen van technische correcties aan de belasting op meerwaarden op financiële activa” in een verlenging van de termijn voor de aangifte in de roerende voorheffing van 15 dagen naar twee maanden.
In geval van goedkeuring van dit wetsontwerp zullen vzw’s en stichtingen waarvan de rekeningen op 31 december worden afgesloten bijgevolg tot eind februari van het daaropvolgende jaar de tijd hebben voor de indiening van hun aangifte in de roerende voorheffing. Daardoor krijgen financiële instellingen extra tijd om overzichten van de financiële verrichtingen op te stellen en aan de betrokken vzw’s en stichtingen te bezorgen.
[1] Maar met ingang van 1 januari 2026.
[2] Behalve bij keuze voor opt-out en behalve in het geval van meerwaarden gerealiseerd op substantiële deelnemingen (d.w.z. van minstens 20%) en zogenaamde “interne” meerwaarden (d.w.z. meerwaarden gerealiseerd naar aanleiding van de verkoop van aandelen aan een vennootschap die rechtstreeks of onrechtstreeks wordt gecontroleerd door de overdrager of door zijn naaste familie).
[3] Diezelfde wet bepaalt eveneens dat “interne” meerwaarden en meerwaarden op substantiële deelnemingen die worden gerealiseerd door vzw’s en stichtingen niet het voorwerp moeten uitmaken van een aangifte in de roerende voorheffing, maar moeten worden vermeld in de jaarlijkse aangifte in de rechtspersonenbelasting. De jaarlijkse aangifte in de rechtspersonenbelasting moet uiterlijk worden ingediend op de laatste dag van de 7de maand volgend op de maand waarin het boekjaar wordt afgesloten.
[4] De financiële instellingen zullen een overzicht bezorgen van de financiële verrichtingen die tijdens het afgelopen boekjaar werden uitgevoerd.
Ons departement Wealth Planning & Structuring geeft u graag meer informatie.
De fiscale wetgeving verandert voortdurend, soms met terugwerkende kracht, en kan bijkomende belastingen, intresten of boetes met zich meebrengen. Dit artikel vormt geen fiscaal advies. De fiscale behandeling van elke verrichting is specifiek aan de persoonlijke situatie van elk individu. De informatie die in dit artikel verstrekt wordt, is van algemene aard. Ze vervangt geen specifiek advies voor uw eigen situatie. Het is aangewezen om specifiek advies bij erkende professionals in te winnen alvorens om het even welke actie te ondernemen of ervan af te zien om te handelen.
